![]() |
| meHuis
| meZelf | meBoeken
| meWerk |
meDigitaal
| meKladblok | meKontakt |
| Op
deze pagina: Tolkien Schotse onafhankelijkheid Verandering van paradigma Voorbij de moderniteit De bijbel Te veel godsdienst? Geen godsdienst meer? De plank gemist Een ding is zeker: niets is zeker Leiding in lijden? Meer boekrecensies in het archief. |
Boeken... Goed, het was niet Laurens Jansz. Coster, voormalig Medelander, maar Johannes Gensfleisch zur Laden zum Gutenberg die in de 15e eeuw het drukken met losse letters uitvond. Niederlande-Deutschland: 0-1. Maar ach, tegenwoordig is de paus zelfs Duits. Hoe het ook zij, Nederland had ooit, net als Schotland, een echte leescultuur. Ook wij hebben lezen altijd leuk gevonden. Daarom hier wat leeservaringen. Sommige boeken lazen we allebei, sommige zijn meer van Marien, sommige meer van Nelleke. We laten het graag aan je eigen verbeelding over om dat uit te vogelen... |
![]() ![]() ![]() ![]() |
Tolkien First published 11/04/2008
J.R.R. TOLKIEN, The Hobbit / The Lord Of The Rings / The Silmarillion / Tree Of Leaf (diverse uitgaven & vertalingen) HUMPHREY CARPENTER, Het leven van J.R.R. Tolkien; Utrecht: Spectrum, 1978 MICHAEL WHITE, Tolkien: A Biography; London: Abacus, 2002, 2e dr. STRATFORD CALDECOTT, Secret Fire. The Spiritual Vision of J.R.R. Tolkien; London: Darton, Longman & Todd, 2003 Tolkien kwam in mijn leven met De Hobbit. Mijn vader kreeg het voor zijn verjaardag, vlak voor de familie op vakantie ging. Niet voor de laatste vakantiedagen kreeg hij het in handen, reeds stukgelezen door zijn zes kinderen. Ze hebben een nieuw exemplaar voor hem gekocht... Sindsdien heb ik Tolkien altijd gelezen en herlezen. Het is wat zwak om zijn boeken bij 'fantasy' in te delen. Hoewel Tolkien ooit begon met het schrijven van verhalen-voor-het-slapengaan voor zijn kinderen, eindigde hij met het scheppen van een complete virtuele werkelijkheid - lang voordat de eerste chip gebakken werd. Lezend in zijn biografieën en de commentaren van Caldecott ontdek je steeds meer lagen in de tekst. Dat gaat veel dieper dan een simpele allegorie van het soort dat zegt dat Gondor staat voor het vrije westen en Mordor voor het communistische oostblok. Zelfs als je het verhaal in die richting zou kunnen uitleggen, is dat niet meer dan een enkele betekenislaag. Ik denk dat dit Tolkien's werk tot werkelijk grote literatuur maakt: het taalmeesterschap, de indrukwekkende verbeelding en de vele lagen in de tekst. Waard om keer op keer te herlezen! Wat is de boodschap van Tolkien? Ik denk niet dat die vraag eenduidig beantwoord kan worden. Tolkien schreef niet om een bepaalde boodschap over te brengen. Uiteraard zitten er vele boodschappen in de tekst. Volgens mij is het hoofdthema het motief dat steeds terugkeert in het verhaal: het einde van de Derde Era van Middenaarde. Dat weerspiegelt de grote omslag in de westerse cultuur die begon met de Eerste Wereldoorlog, maximum vaart kreeg in de jaren '60 en voortduurt tot in onze (post-)postmoderne dagen. Tolkien was een zeer Victoriaanse man, zijn leven lang, maar zijn ervaringen in de Vlaamse loopgraven, en misschien zelfs van voor die tijd, moeten hem het bewustzijn gegeven hebben dat de dagen van het Britse imperium geteld waren en dat samenleving en cultuur dramatisch zouden veranderen. Zo lees ik zijn magistrale verhaal tenminste. Het verrassende is, dat uiteindelijk de 'little folk', die hun gewone leven proberen te leiden, de loop van de geschiedenis bepalen, zelfs onwetend. Dat is een waarlijk democratisch inzicht. Op merkwaardige wijze had Tolkien, die altijd een ouderwetse professor bleef, het profetische inzicht dat de tijden veranderden op een wijze die vele, vele eeuwen lang niet was voorgekomen. En wat te denken van de films? Ik vind dat Peter Jackson een prachtig werkstuk heeft afgeleverd. Uiteraard zijn sommige dingen in strijd met het boek - Glorfindel veranderde van Elfenvorst in een sexy prinses, de Huizen van Genezing verdwenen, en zo meer - maar dat is wat er gebeurt als een boek verfilmd wordt. Over het algemeen vind ik, dat de films de atmosfeer van het verhaal goed weergeven, zelfs als Tolkiens traditionele denkwijze soms wordt genegeerd. Ik heb alle drie de films met veel plezier bekeken. Leestip: gewoon alles van Tolkien blijven her-lezen. Naar boven |
![]() |
Schotse
onafhankelijkheid First published 11/04/2008
DENNIS MACLEOD & MICHAEL RUSSELL, Grasping The Thistle. How Scotland Must React to the Three Challenges of the Twenty First Century; Glendaruel: Argyll, 2006 Schotse onafhankelijkheid staat volop in de schijnwerpers, maar kan ook snel belachelijk gemaakt worden. 'Terug naar de dagen van William Wallace' (Mel Gibson sloeg als Braveheart de plank uiteraard net mis) en dat soort 19e eeuws romantisch nationalisme. Michael Russell, sinds de verkiezingen van mei 2007 minister van milieu in de Schotse regering, en Dennis MacLeod, multinationaal ondernemer, houden een even gepassioneerd als rationeel pleidooi voor Schotse onafhankelijkheid. Zij zien dit als "een positieve kracht voor verandering" en schetsen de grondlijnen voor een "democratie van het volk" ter vervanging van het huidige versleten systeem, waarin de macht is opgesloten in politieke partijen. Voor een nieuwkomer in Schotland, en zelfs in het Verenigd Koninkrijk, is dit interessante stof. Zelfs als MacLeod naar mijn smaak wat te veel hamert op de principes van vrij ondernemerschap, en zelfs als 'volksdemocratie' niet precies zou zijn wat de meeste mensen willen, dan nog is dit boek radicaal en inspirerend genoeg om je aan het denken te zetten. Leestip: lees het boek, leg het weg, volg het nieuws in Schotland, en lees het dan opnieuw. Naar boven |
![]() |
Verandering
van paradigma First published 11/04/2008
CALLUM G. BROWN, The Death Of Christian Britain. Understanding Secularisation 1800-2000; London: Routledge, 2007, 8e dr. De westerse cultuur onderging een fundamentele verandering van paradigma. Dat is de reden waarom kerken gemarginaliseerd zijn en geloof is losgeraakt van het dagelijkse leven. Leuk om te weten. Maar hoe is dat nu concreet in zijn werk gegaan? Was secularisatie niet een geleidelijk proces, begonnen met de Verlichting, op volle snelheid komend door de 19e eeuwse industrialisatie en voortgaand tot in onze tijd? Nee, zegt de Schotse historicus Callum G. Brown. Het was juist een zeer plotselinge verandering die begon in de jaren '60 - of nauwkeuriger: in 1959, een jaar na Billy Graham's grote campagne in Groot-Brittannië. Brown analyseert de Britse situatie. Het toneel in Amerika ziet er heel anders uit. Maar de situatie in Nederland kennend, kan ik Nederlanders zeker aanraden dit boek te lezen. Niet alles sluit naadloos aan - er staat uiteraard niets over verzuiling in - maar 'im großen und ganzen' verklaart Browns analyse toch wel veel voor de Lage Landen. Leestip: lezen! Naar boven |
![]() |
Voorbij
de moderniteit First published 11/04/2008
Updated 25/07/2009 EDDIE GIBBS & RYAN K. BOLGER, Emerging Churches. Creating Christian Communities in Postmodern Cultures; London: SPCK, 2006 Emerging churches ('opduikende kerken' - vgl. het Zeeuwse motto 'luctor et emergo') zijn 'hot', vooral omdat ze 'cool' zijn. Er gebeurt van alles in cyberspace. Gibbs & Bolger schreven een grondige studie na vijf jaar veldonderzoek, voornamelijk in Groot-Brittannië en de VS. Hun centrale thema is, dat de 'emerging churches' op actieve en positieve wijze de uitdaging aangaan om navolgers van Jezus Christus te zijn in een postmoderne cultuur. Dat is verrassend nieuws voor vrijzinnigen, want de meeste leiders in de 'emerging churches' - die bij voorkeur niet die rol ambiëren - komen uit onverdund evangelicale kringen. Maar uitgerekend zij maken het punt dat de kerk haar boodschap zelf moet herzien, in plaats van enkel de methode van verspreiding bij te stellen, wanneer zij nog enige relevantie wil hebben voor de wereld van vandaag. En uiteraard zijn de oude etiketten, zoals 'orthodox', 'vrijzinnig' of 'evangelicaal' al verbleekt en hebben ze veel van hun betekenis verloren. Hoewel verstrooid, klein en onderling zeer verschillend, hebben 'emerging churches' drie gemeenschappelijke kernaktiviteiten: (1) identificatie met het leven van Jezus (in plaats van de traditionele focus op enkel zijn lijden en sterven), in de eerste plaats door Jezus' prediking van Gods koninkrijk als uitgangspunt te nemen; (2) transformatie van de seculiere ruimte door aanvaarding van en participatie in de postmoderne cultuur om daarin bronnen van spiritualiteit te vinden; (3) leven als een gemeenschap, gebaseerd op persoonlijke betrokkenheid en inzet voor maatschappelijke aktie en onderlinge steun. Ik ben tegelijkertijd enthousiast en kritisch over dit boek. Dat is waarschijnlijk precies wat Gibbs en Bolger willen: mensen aan het denken zetten. Ik weet niet zeker of ze de Franse postmodernisten wel helemaal begrepen hebben en ze geven zeker geen verantwoording van de effecten van '9/11' op het postmoderne denken (vgl. Lucien van Liere in Michsjol 17/1 2008). Ik kan ook een aantal 'emerging church' thema's aanwijzen die ik al veel eerder was tegengekomen in theologie of basisgemeente. Maar ik denk niet dat dit hun hoofdzaak ondermijnt: de moderniteit is geëindigd en de kerken moeten haast maken om weer aansluiting te vinden bij de huidige cultuur. Marcus Borg - alles behalve evangelicaal - heeft hetzelfde standpunt: de christelijke godsdienst moet zichzelf opnieuw uitvinden of zal verdwijnen. Ook Erik Borgman, leke-Dominicaan en biograaf van Edward Schillebeeckx, benadrukt dat de enige relevante plaats voor theologie middenin de cultuur is. Leestip: als je echt moe bent van het instandhouden van structuren die niet langer werken en toe bent aan een verfrissend frisse invalshoek, moet je dit boek lezen. Naar boven |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
De
bijbel First published 11/04/2008,
updated 16/04/2008
Biblia Hebraica / Septuaginta / Novum Testamentum Graece / Das Alte Testament verdeutscht (Martin Buber & Franz Rosenzweig) / Bijbel (vele vertalingen) / Holy Bible (vele vertalingen) / Rembrandt bijbel (diverse vertalingen) / Woord voor woord kinderbijbel (Karel Eykman & Bert Bouman) / Kijkbijbel (Kees de Kort) Nogal wiedes dat een dominee de bijbel op zijn lijst van favorieten zet. Maar dat is niet de reden waarom die hier is opgenomen. Het was namelijk andersom: omdat de verhalen over het volk Israël en over Jezus maar bleven terugkomen en boeien, besloten we ooit om theologie te studeren. Hetgeen onze geboeidheid alleen maar erger maakte. Vooral de mogelijkheid om te lezen in de grondtalen - op basisniveau - was verrijkend, verlichtend en soms ontnuchterend. We hebben nog zeker niet alles gelezen. De vier evangeliën en Handelingen: yep. Openbaring en de meeste brieven van Paulus: ook. Eind dit jaar zullen we alles van de Torah gelezen hebben (gewoon de parasjot kopiëren naar je dagelijkse leesrooster). Jozua, Richteren, Samuël, Koningen, Kronieken: ja. Ruth, Prediker, Hooglied, Esther, Daniël: ja. De kleine profeten: de meeste wel. Jesaja, Jeremia, Ezechiël: schandelijk genoeg alleen fragmentarisch. De Psalmen: ooit wel eens. In onze - bijna - dagelijkse lezingen kunnen we dus nog geregeld nieuwe dingen tegenkomen. De vertaling die ons het meest na aan het hart ligt is de Naardense bijbel, vertaald door Pieter Oussoren (cum suis!). Die blijft zo dicht mogelijk bij het Hebreeuws en Grieks, maar het leest toch bijna altijd als goed Nederlands (en geen Nederbreeuws of Nederieks). Een uniek stuk werk, net als Oussoren's lichtend voorbeeld, de 'verdeutschte' Tenach van Martin Buber en Franz Rosenzweig. Bijbellezen met onze kinderen werd een stuk helderder door de prachtige platen van Kees de Kort (Kijkbijbel) en de originele hervertellingen van Karel Eykman, geïllustreerd door Bert Bouman (Woord voor woord). Ook dit zijn unieke bijdragen vanuit het Nederlandse taalveld. Leestip: blijven lezen. Naar boven |
![]() |
Te
veel godsdienst? First published 11/04/2008
Updated 29/06/2008 JAN SIEBELINK, Knielen op een bed van violen; Amsterdam: De Bezige Bij, 2006, 32e dr. Jan Siebelink's boek veroorzaakte een vaderlandse hype: 32 drukken binnen een jaar en vrachten publiciteit. Is religie terug van weggeweest in het publieke leven? Het boek beschrijft het leven van de vader van de schrijver, die, na een zeer persoonlijk visioen, volledig opging in een ultra-orthodoxe groep (ook wel bekend als 'conventikel'). Daardoor vervreemdde hij op tragische wijze van de vrouw en kinderen van wie hij hield. Nelleke las dit boek in een adem uit, maar Marien worstelde zich erdoor en las het uiteindelijk niet helemaal. Allebei vonden we het een prachtig geschreven boek. Temidden van al de wegwerptaal die we dagelijks over ons heen krijgen was dit een verademing. Mooi en helder Nederlands! Nelleke liet zich volledig meeslepen door het verhaal en was er gewoon door ontroerd. Marien voelde een zware beklemming vanaf het moment dat Mieras het verhaal binnenkwam. De beklemming bleef en deed uiteindelijk het boek dicht - een ervaring die ik eerder alleen had bij het lezen van Bordewijk (naar verluid een van Siebelink's favorieten). Toch is ons beider eindoordeel over het boek positief: een zeer goed verteld en geschreven boek dat veel dieper graaft dan het eenzijdige afzetten van iemand als Maarten 't Hart. Ons oordeel over het soort godsdienst dat Siebelink van binnenuit beschrijft is minder positief: het vermorzelt mensen in plaats van hen in vrijheid in de ruimte te plaatsen. Maar dat wisten we eigenlijk al. Naar boven |
![]() |
Geen
godsdienst meer? First published 11/04/2008
KLAAS HENDRIKSE, Geloven in een God die niet bestaat. Manifest van een atheïstische dominee; Amsterdam: Nieuw Amsterdam, 2007, 5e dr. Klaas Hendrikse is predikant in de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) en schaamt zich niet voor het etiket 'vrijzinnig'. Ik vind zijn boek vooral zeer zinnig. De kern gaat in feite om 'eerlijk zijn voor God' door te accepteren dat er geen God daarboven of daarbuiten bestaat, maar dat God 'gebeurt' temidden van en dankzij mensen. Ik begrijp niet waarom dit zo'n enorme opschudding veroorzaakt in de vaderlandse kerken. Het is een volstrekt oprecht en actueel boek gebaseerd op een authentiek persoonlijk geloof. Maar eerlijk gezegd schreef de Anglicaanse bisschop en nieuw-testamenticus John A.T. Robinson ongeveer dezelfde boodschap al in 1963 neer (Honest To God). Ik denk dat het tijd wordt voor orthodoxe medechristenen om de onderliggende cultuuromslag (zie Emerging Churches) te aanvaarden en hun eigen authentieke antwoord(en) daarop te vinden. Op dit moment lijken bestuurlijke kringen binnen de PKN te reageren op dezelfde nutteloze manier waarop de GKN synode in 1926 de kwestie Geelkerken aanpakte: een gerechtvaardigde vraag ontkennen in plaats van die te beantwoorden. Het is niet eerlijk om Hendrikse te degraderen tot bliksemafleider voor de onbeantwoorde vragen van het orthodoxe deel van de PKN. Leestip: lees het boek open en eerlijk - en geef dan alsjeblieft Hendrikse alle steun die je kunt in de dreigende kerkelijke knokpartijen. Naar boven |
![]() |
De
plank gemist First published 16/07/2008
Updated 17/07/2008 MICHAEL HAMPSON, God Without God. Western Spirituality without the Wrathful King; Ropley: O Books, 2008 Michael Hampson schreef een bijzonder teleurstellend boek. Zoals het was aangekondigd beloofde het een frisse benadering van christelijk geloof en spiritualiteit te bieden, wat hard nodig is. Helaas, het blijkt gedeeltelijk een samenvatting van de katholieke catechismus te zijn, en gedeeltelijk een tirade over alles wat er fout is aan protestantisme. Hampson faalt in het maken van een behoorlijke analyse van de cultuuromslag waaraan de westerse samenleving en spiritualiteoit onderhevig zijn - namelijk van modern naar postmodern - en derhalve hanteert hij een verward en verwarrend soort rationaliteit. Soms hanteert hij een typisch moderne manier van argumenteren, soms gaat hij verder dan dat, maar over het geheel maakt dat zijn argumentatie onhelder en onevenwichtig. Ik weet ook niet zo zeker of hij de rooms-katholieke traditie wel goed begrepen heeft; die lijkt mij een stuk diverser en gelaagder dan hij suggereert. Hampson wordt niet gehinderd door enig afdoende begrip van protestantisme zodra het buiten zijn eigen beperkte anglicaanse traditie ligt - alle protestanten zijn gewoon evangelicale fundamentalisten of schismatici - en hij heeft al even weinig begrepen van de bijbel. In het eerste hoofdstuk, over God, valt Hampson in feite weer terug op de aloude tegenstelling tussen de God van het Oude Testament en het Nieuwe Testament. Natuurlijk zegt hij dat niet zo. Eerst beschrijft hij God als "de grond van alle zijn en de essentie van alle goeds" - met dank aan Paul Tillich - en hij verwerpt het beeld van God als een "toornige, heerszuchtige, wraakzuchtige en veeleisende koning". Maar - uiteindelijk kunnen we God alleen in het juiste perspectief zien doordat Jezus ons heeft geleerd God onze Vader te noemen - alsof dat vreemd zou zijn aan Jezus' eigen bijbel, de Tenach, bij christenen bekend als Oude Testament. Zonder met een oog te knipperen wordt vervolgens de leer van de triniteit in de bijbelteksten gelezen alsof dat vanzelfsprekend zou zijn (in werkelijkheid had de kerk er ruim drie eeuwen voor nodig om zover te komen). Helaas is dit een oude zonde in de christelijke theologie: Israël wegsnijden uit het christelijk geloof. Het mag logisch lijken dat leven onder een 'nieuw verbond' het 'oude verbond' vanzelf ongeldig maakt, maar voor de 12 miljoen Joden die vandaag leven is dat 'oude verbond' ook het enige. Bovendien benadrukt de apostel Paulus dat de kerk haar plaats moet kennen als 'een loot geënt op de wortel Israël' (Romeinen 11,16-18). Israël uitsluiten van Gods plan is gewoon anti-judaïsme en van pogroms en holocaust zouden we geleerd moeten hebben waartoe dat uiteindelijk kan leiden. Als we eenmaal hebben geleerd hoe het Joodse volk niet- (of niet echt) bestaand gemaakt kan worden, kunnen we dat ook doen met anderen, bv. vrouwen, homosexuelen, etnische minderheden, gehandicapten enzovoort - zoals ook keer op keer gebeurd is. Zo wordt de manier waarop we ons verhouden tot Israël een soort lakmoesproef voor de manier waarop we iedereen behandelen die 'vreemd' is. Wat betreft de bijbel: Hampson verzamelt alleen traditionele en vaak verouderde gezichtspunten. Ondanks een schijnbaar frisse benadering slaagt hij er niet in ook maar iets te produceren dat in de buurt komt van een fatsoenlijke bijbelse theologie. Ondanks een eerlijke poging om de God van Israël te leren kennen, wordt het Oude Testament tenslotte gedegradeerd tot een interessant overzicht van wereldgodsdiensten, ofwel niet meer dan een voorbereiding op het Evangelie dat moet volgen. Zonder enige goede reden wordt de Hebreeuwse Naam van God uitgeschreven als 'jahweh/elohim', waarmee historisch-kritisch bronnenonderzoek van bijbelse teksten wordt verward met bijbelse theologie, en ook bijna tweeduizend jaar van zorgvuldig vervangen van de onuitsprekelijke Naam door woorden als 'Dominus', 'Heer' of 'Eeuwige' wordt weggegooid. De bijbel heeft nooit twee 'Goden' in gedachten gehad, maar biedt in plaats daarvan een wereldomvattend mozaïek van duizenden verschillende en levende ontmoetingen met de Ene God. Bij het beschrijven van de inhoud van het Oude Testament slaat Hampson de Joodse indeling in Torah/Wet, Nebi'im/Profeten en Chetubim/Geschriften - zeker weten ook Jezus' eigen indeling - simpelweg over, zodat hij opnieuw de oude fout herhaalt om boeken als Jozua, Richteren of Koningen 'historisch' te noemen, terwijl deze zijn geschreven als profetische boeken. En onvermijdelijk worden de oudtestamentische geboden weer geëtiketteerd - of geblameerd? - als "wettisch" en tegengesteld aan het "nieuwe gebod" van liefde dat Jezus geeft. Al zegt hij dat niet hardop, Hampson vervangt het Oude Testament in feite door het Nieuwe. Ik geef de voorkeur aan de meerderheid van protestantse geloofsbelijdenissen die uitgaan van de fundamentele eenheid van de bijbel. (En ja, ik weet ook wel dat vele protestanten in verleden, heden en toekomst het Oude vervangen door het Nieuwe, maar dat wil niet zeggen dat zij hun eigen spirituele wortels afdoende hebben verstaan.) Uiteraard zijn de Farizeeën weer de boosdoeners, hoewel Jezus zelf waarschijnlijk deel was van deze beweging en al zijn disputen perfect passen in het patroon van rabbijns leren en onderwijzen in de eerste eeuw. Enzovoorts - maar ik zal het hierbij laten. Feitelijk deed het hoofdstuk over de bijbel voor mij al de deur dicht. Nadien verloor ik mijn aandacht. Alleen het hoofdstuk over Eros kon dat nog enigszins veranderen. Het weerspiegelt een oprechte persoonlijke levensreis en biedt ook veel informatie. Uiteraard hoef je het niet eens te zijn met alle conclusies. Mijn conclusie is dat Hampson het kennelijk nodig vindt om protestantisme simpelweg af te schrijven als een slechte vorm van evangelicalisme en een afwijking van 'de hele traditie van westerse spiritualiteit', en om duidelijk te maken hoe de heilige moederkerk het christelijk geloof zal bewaren. Een droevig voorbeeld van kritische analyse, zou ik zeggen, en voornamelijk een bevestiging van de traditionele verdeeldheid die werd gevoed door de moderniteit. Leestip: niet doen. Naar boven |
![]() |
Een ding is zeker: niets is zeker First published 19/11/2009
MARK VERNON, After Atheism. Science, Religion, and the Meaning of Life (Basingstoke: Palgrave MacMillan, 2008) Dit boek is een van de zeldzame gevallen waar de flaptekst de inhoud dekt. Het is inderdaad ‘well-reasoned’, de mensen zullen erdoor ‘enchanted’ raken en het boek biedt bovendien ‘much, much more’. Dat wil zeggen, op voorwaarde dat de lezer de fundamentele onzekerheid van heel het bestaan aanvaardt. En dat is vanzelfsprekend een spirituele aktiviteit. Maar voor Mark Vernon je tot dat punt geleid heeft, moet je als lezer wel een inspanning leveren. Het boek is zeer intelligent geschreven, maar soms ook lichtelijk intimiderend. Ik moest echt een paar woorden opzoeken en dat was niet omdat Engels mijn tweede taal is. Vernon legt glashelder uit hoezeer wetenschap verworden kan tot wetenschapsgeloof, de platte aanname dat de rede de ganse werkelijkheid ondubbelzinnig kan analyseren en definiëren. Het huidige golfje van nieuw atheisme, met leuzen op Londense bussen en gelijksoortige leutigheden in Nederland, zit gevangen in precies dezelfde val. Vernon maakt een duidelijk punt, in het spoor van enkele waarlijk groten uit wetenschap en filosofie, om een diep besef van verwondering te aanvaarden als basis van de menselijke rede. Want uiteraard is er meer, Horatio... Vernon maakt evenzo duidelijk hoe de gevestigde christelijke religie gevangen zit in precies hetzelfde misverstand. In taal, liturgie, leer en leven zoekt het naar zekerheid en verbergt het de onkenbaarheid van God achter een constructie van redelijk geloof. Stilte en meditatie -- allebei als toegewijde en eerlijke oefeningen van de geest -- zouden betere gereedschappen zijn om het mysterie te benaderen. Want de rest is stilte... Vernon pleit voor een religieus agnosticisme om ons verder te helpen dan de vaste posities en de loopgraven van een modernistisch rationalisme. Ik ben het helemaal met hem eens, zelfs als ik toch kies om binnen een kerk te werken. Een intelligente en tegelijkertijd spirituele aanvaarding van het wonder dat wereld heet en de onkenbaarheid Gods is, zover ik kan zien, de enige weg voorwaarts. (Dat brengt uiteraard meteen de vraag met zich mee in hoeverre je nog binnen die kerk bent en hoeveel ruimte er is om je buiten de traditionele concepten ervan te bewegen.) Een minpuntje: Vernons gedachten over de dood zijn erg nuttig en eerlijk, maar ik zou dat niet gelijk willen stellen aan de vraag naar het kwaad. Het kwaad gaat over de dingen die we doen en niet doen en waarom. (Heeft iemand enig idee?) De dood is wat ons allemaal wacht aan het einde van de rit en dat is eigenlijk ook wat ons levend maakt zolang we nog onderweg zijn. En een opmerking. Als Vernon het over de kerk heeft, gaat dat duidelijk over de Anglicaanse traditie. Op een gegeven moment vroeg ik mij af of hij alles net zo zou schrijven als hij meer vertrouwd was met de calvinistische traditie. De gereformeerde traditie is sterk gericht op de prediking van het Woord, wat zeer waarschijnlijk een ernstig obstakel vormt voor het soort taal dat ruimte laat voor het mysterie van de werkelijkheid en de onkenbaarheid Gods, maar ze bevat ook meer mystieke elementen, zoals in de bevindelijkheid, met een specifieke eigen taal die wel eens nuttig zou kunnen zijn voor een agnostisch-religieuze benadering. Dus, zeker weten: dit boek MOET JE LEZEN!! Naar boven |
![]() |
Leiding in lijden? First published 16/03/2010
BART D. EHRMAN, God's Problem. How the Bible Fails to Answer Our Most Important Question: Why We Suffer (New York [etc.]: HarperOne, 2009) Bart Ehrman schreef een eerlijk boek. Moedig zelfs als je je realiseert waar hij theologisch helemaal vandaan is gekomen. Het is zeer leesbaar geschreven, zit goed in elkaar, overtuigt en daagt uit. Het volgende commentaar wil daar niets van afdoen. Toch had ik gehoopt dat Ehrman had durven denken buiten de grenzen van een in de moderniteit ingebedde theologie. Ehrman zoekt een antwoord op de vraag waarom wij lijden. In twee opzichten is het moeilijk die vraag te laten aansluiten bij het bijbelse denken. Ik geloof niet dat de bijbel denkt in ons westerse en mechanistische schema van oorzaak en gevolg als grondleggende verklaring voor alles wat gebeurt. Ehrman zit daar duidelijk wel aan vast. In de tweede plaats is dat wat wij 'lijden' noemen sterk gekleurd door een individualistische, emotionele ervaring die beïnvloed is door de Romantiek. Een ervaring bovendien die sterk leunt op het besef dat wij die dit boek lezen welgedane burgers van welvarende landen zijn. Wie werkelijk in armoede leeft -- en 'dus' lijdt -- heeft doorgaans niet de luxe om over die ellendige situatie na te denken. Het lijkt mij daarom dat de aansluiting tussen Ehrmans vraag en de bijbelse teksten enigszins wringt. Ehrmans gedurig herhaalde stelling dat alle profeten eenvoudigweg stellen dat lijden de straf is voor de zonde, is echt te simpel. Dat miskent de enorme kracht van de hoop die volgens mij het werkelijke hart van de profetie is. Hoop ontkent nooit het menselijk lijden, zoekt geen achterdeurtjes 'van omhoog', maar komt steeds weer uit bij een hardnekkig 'en toch!'. Los daarvan hebben de profeten het over het lot van een volk, Israël, niet van individuen. Ook de gedachtengang dat offer altijd lijden betekent en dat dit de prijs is van verlossing, is te simpel. Zo'n benadering van de bijbel vergeet dat wij dan in niet geringe mate lezen door een middeleeuwse bril, namelijk de traditionele leer van vergelding en verzoening, die teruggaat op Anselmus en het juridische denken van de Germaanse wereld. Een klein pleidooi ten gunste van de apostel Paulus kan geen kwaad. Hij was zeer zeker tot zijn laatste adem een goede Jood. Eén die de grenzen duidelijk opzocht en ook verplaatste, maar dan nog steeds een Jood. Dat sluit naar mijn mening in, dat hij alleen tot op zekere hoogte een apocalypticus genoemd kan worden. De Joodse traditie heeft al vroeg de schaduwzijde van dit soort bijbelgebruik ondervonden. Paulus bracht de Torah buiten Israël, maar schafte de Wet niet af. Hij was ook veel meer een pragmaticus dan een systematicus. Na Paulus zijn er nog vele eeuwen lang kerken geweest met een duidelijk door de Joodse traditie gestempeld geloof en ook de Reformatie heeft nadrukkelijk teruggegrepen op de Hebreeuwse bijbel. Om Jezus bijna exclusief als een apocalypticus te schetsen, is ook te simpel. Het valt heel moeilijk uit te maken wat in de Evangeliën van Jezus komt en wat van de vroege kerk. En zelfs dan is het gevaarlijk om bijbelse apocalyptiek te verbinden met wat wij er in moderne tijden onder zijn gaan verstaan -- zoals Ehrman trouwens zelf opmerkt (p246v). Het is jammer, en eigenlijk een gemiste kans, dat hiermee het beeld van Jezus als leraar en Torah-uitlegger buiten beeld raakt -- hoewel Ehrman zelf zegt zich verdiept te hebben in de apocriefen, waaronder dan de gnostische geschriften zouden moeten vallen, zoals het Evangelie van Thomas. Ik denk inderdaad dat de bijbel niet uitlegt 'waarom wij lijden'. Het is Ehrmans verdienste dat in rond Engels glashelder te maken. Geen vrome uitvluchten of zondagsschoolverhaaltjes. Het is jammer dat hij niet met Harold Kushner mee kan gaan in diens lezing van het boek Job. Daarom hoop ik dat Bart Ehrman eens goed met zijn vrouw praat (die kennelijk niet zo zit met het lijden als existentieel probleem) en een volgende stap durft zetten. Namelijk de bijbel lezen zonder de westerse onhebbelijkheid tot conceptualiseren en systematiseren. Als het 'symbolisch' wordt, kon het namelijk wel eens veel directer over onze dagelijkse werkelijkheid gaan, inclusief het lijden dat wij ervaren. Naar boven |
English
text |